Vondelingen in China

China

China is een land met een oude cultuur en een lange geschiedenis. Er wonen 1,3 miljard mensen. In 1949 werd het land een socialistische staat. Sinds 1979 is China begonnen met een economische hervorming. De levensstandaard is in de afgelopen twintig jaar aanzienlijk verhoogd. Toch is het verschil tussen rijk en arm nog steeds groot. Met name op het platteland leeft een groot aantal mensen in armoede.

 

Voorkeur voor een zoon

Aan een talrijk nageslacht wordt in China sinds mensenheugenis een hoge waarde toegekend. De waarde van een zoon is bovendien hoog verheven boven die van een dochter. Een zoon garandeert het voortbestaan van de familienaam en betekent arbeidskracht voor de boeren. Een dochter opvoeden wordt gezien als 'zonde van geld en moeite', want zij gaat later voor haar schoonouders zorgen. Een oude Chinese wijsheid zegt het zo: 'het grootbrengen van een dochter is als het besproeien van de akker van de buurman'.

 

Vondelingen

China dreigde af te stevenen op grote sociale en economische problemen als gevolg van de veel te snel groeiende bevolking. Daarom voert men sinds 1979 een politiek om deze groei te beperken met behulp van geboorteplanning. Deze 1-kind-politiek heeft met name onder de nog traditioneel denkende boeren het verlangen naar een zoon niet verminderd. Gevolg is dat vooral meisjes en kinderen met een handicap te vondeling worden gelegd of verlaten. De kinderen komen in veel gevallen terecht in kindertehuizen zoals die in Xining. Tien jaar geleden was de schatting dat 6% van de geboren baby's te vondeling werd gelegd. Met 20 miljoen geboortes per jaar betekende dit ruim een miljoen vondelingen per jaar.

In de afgelopen jaren is -mede door de versoepeling van de 1-kind-politiek- het aantal gezonde vondelingen in China gelukkig afgenomen. Jammergenoeg worden gehandicapte babies soms nog wel te vondeling gelegd. Het overgrote deel van de kinderen dat momenteel in Chinese kindertehuizen terecht komt is dan ook meer of minder gehandicapt. Ook in Xining is dit het geval. Zo'n 95% van de kinderen in dit tehuis heeft een lichamelijke en/of verstandelijke handicap.